Deze website maakt gebruikt van cookies om instellingen te onthouden en om de website beter op uw behoeften af te stemmen. Klik hier voor meer informatie over cookies.

Ja, ik ga akkoord Nee, ik ga niet akkoord X
« Terug naar zoekresultaten

Balans – MATERIËLE VASTE ACTIVA

Het verloop van de materiële vaste activa is als volgt:

Materiële vaste activa

Gebouwen en

 

Inventaris en

 

Andere vaste

 

In uitvoering

 

Totaal

 

terreinen

 

apparatuur

 

bedrijfsmiddelen

    
          

Aanschafwaarde op 1 januari 2015

307.308

 

104.070

 

4.411

 

15.936

 

431.725

Afschrijvingen tot 1 januari 2015

98.679-

 

47.117-

 

2.180-

 

-

 

147.976-

Boekwaarde 1 januari 2015

208.629

 

56.953

 

2.231

 

15.936

 

283.749

          

Mutaties:

         

Investeringen

13.023

 

8.678

 

1.066

 

29.094

 

51.861

Gerealiseerde bouwprojecten

791

 

35

 

-

 

2.275-

 

1.449-

Afschrijvingen

7.614-

 

9.939-

 

1.026-

 

-

 

18.579-

Terugname bijzondere waardevermindering

1.502

 

-

 

-

 

-

 

1.502

Desinvesteringen

1.824-

 

7.980-

 

269-

 

-

 

10.073-

Afschrijving over desinvesteringen

1.566

 

7.717

 

269

 

-

 

9.551

          
 

7.444

 

1.490-

 

40

 

26.819

 

32.813

          

Aanschafwaarde op 31 december 2015

319.298

 

104.803

 

5.208

 

42.755

 

472.064

Afschrijvingen t/m 31 december 2015

103.225-

 

49.340-

 

2.937-

 

-

 

155.502-

Boekwaarde 31 december 2015

216.073

 

55.463

 

2.271

 

42.755

 

316.562

(bedragen x 1.000 euro)

Gebouwen en terreinen

De vereniging is juridisch eigenaar van het grootste gedeelte van de gebouwen en terreinen van de scholen. Door wettelijke bepalingen kunnen de onroerende zaken, die door gemeenten zijn gefinancierd, uitsluitend na toestemming van en onder verrekening met gemeenten worden vervreemd.

Sinds 1 januari 2000 is een aantal doordecentralisatieovereenkomsten met gemeenten afgesloten. Bij de hieronder vallende (school)gebouwen komt het economische eigendom gedurende de looptijd van de overeenkomst toe aan de vereniging. Het economisch eigendom wordt, in aansluiting op de uitgangspunten van de decentralisatie van Rijk naar Gemeenten in 1997, ten principale door Ons Middelbaar Onderwijs om niet overgenomen.

Aan de hand van financieringsmodellen worden de toekomstige kosten en vergoedingen per doordecentralisatiecontract voor de gehele contractduur inzichtelijk gemaakt om de beschikbare investeringsruimte te bepalen. Hierbij wordt uitgegaan van een aantal vaste uitgangspunten zoals een kosten- en vergoedingenindex, een interne rekenrente, een risicoreservering, vervangingsinvesteringen, verkoop van boekwaarden gronden per einde contract en eigen bijdragen vanuit scholen.

Vanwege naar beneden bijgestelde leerlingenprognoses en lager dan verwachte indexeringen van het bedrag per leerling (de VNG index wordt gevolgd), is binnen het doordecentralisatie-contract van Valkenswaard sprake van een lagere realiseerbare waarde dan de boekwaarde van het gerealiseerde actief. Conform RJ 121 heeft hierop tot en met 2014 een bijzondere waardevermindering plaatsgevonden van 4,0 miljoen euro. In het huidige jaar heeft als gevolg van naar boven bijgestelde leerlingenprognoses een terugname van de bijzondere waardevermindering van 1,5 miljoen euro plaatsgevonden.

In 2012 was binnen het doordecentralisatiecontract Etten-Leur sprake van een lagere realiseerbare waarde dan de boekwaarde van het gerealiseerde actief, waarop conform RJ 121 een bijzondere waardevermindering heeft plaatsgevonden (6,1 miljoen euro). Vanwege hoger dan verwachte indexeringen (OCW index) van het bedrag per leerling heeft in 2013 t/m 2015 een terugname van de bijzondere waardevermindering uit 2012 plaatsgevonden van in totaal 2,1 miljoen euro.

In 2015 is vanwege de ingebruikname van nieuwbouw voor 1,8 miljoen euro gedesinvesteerd op nog niet volledig afgeschreven verbouwingen van verkochte of gesloopte oude panden.

Inventaris en apparatuur / andere vaste bedrijfsmiddelen

In 2015 is er voor een bedrag van 8,0 miljoen euro aan desinvesteringen opgenomen. Hiervan heeft 7,1 miljoen euro betrekking op jaarlijkse administratieve desinvesteringen en 0,9 miljoen euro op de desinvestering van installaties en inventaris vanwege verkoop of sloop van oude panden.

Projecten in uitvoering

Gedurende de uitvoering van bouwkundige activiteiten worden de uitgaven verantwoord onder de post 'projecten in uitvoering'. Nadat de werkzaamheden zijn afgerond, worden de kosten gesaldeerd met de ter financiering ontvangen bouwsubsidies (investeringssubsidies). De projecten, die voor eigen rekening gebouwd en gefinancierd zijn, worden geactiveerd onder gebouwen en terreinen en gedurende de economische levensduur afgeschreven.

Voor een nadere toelichting op de projecten in uitvoering zie huisvestingsplannen.

pagina opties

Mijn OMO verslag (0)